
In Nong Khai zijn we het langst gebleven van alle dorpen en steden tot nu toe. Dit was de laatste stop in Thailand, voor we Laos in gingen. We hadden een guesthouse uitgezocht, met de gezelligheid aan de Mekong rivier. Daar hebben we 1 nacht geslapen, want het was vol. Eigenlijk hadden ze toen we aankwamen ook alleen nog maar een dorm (slaapzaal) en omdat we dat eigenlijk nog nooit gedaan hadden, dachten we, oke doen we dat toch. De dorm (je ziet al een slaapzaal voor je met 10 bedden ofzo) bestond uit maar liefst 3 bedden. We hebben de kamer gedeeld met een duitser en zijn de volgende dag toch maar gaan kijken voor een eigen kamer in een ander guesthouse, is toch wat prettiger.
De omgeving van Nong Khai is schitterend. We zijn naar een Sculpturen park gelopen. Enorme sculpturen van Boeddhistische figuren, erg mooi. Het was een uur lopen, dus terug hebben we het tot halverwege gehaald, toen hadden we niet zoveel zin meer. (Het is hier best warm).
De dag erna hebben we een grote wandeling gemaakt door de flower lands. Je raadt het al, flower lands = geen schaduw. Maar wel weer enorm mooi en heerlijk gelopen. Zo’n 2,5 uur door landweggetjes en met elke Thai die op de motorbike voorbij komt vragend waar we heen gaan en of we misschien mee moeten rijden. Want een ding is zeker: Thai’en zijn lui. Ze lopen niet voor de lol en als ze bijvoorbeeld naar een national park gaan, gaan ze op hakjes en nemen ze een kleed mee en vooral veel eten om vervolgens de hele dag op 1 plaats te blijven zitten.
In Nong Khai hebben we weer goed schaak geoefend. Elke avond zaten we te schaken in dat eerste guesthouse met het restaurant aan het water. Relaxter kan niet toch?
De laatste dag hebben we in plaats van te lopen (oke we waren ook veel te laat opgestaan) een motorbike gehuurd. We hebben 55 km. gereden, naar Silk research centre, een tempel, groot water reservoir en leuke dorpjes, waar de kinderen met hun handen omhoog staan en het enige woord wat ze kennen money is. Zo hebben we veel van de omgeving gezien en lang niet alles.
Op 5 december is de koning jarig. Koning Bhumibol werd maar liefst 80. En aangezien hij hier heilig wordt geacht door de bevolking was het dus feest. Heel Thailand in gele kleding (geel is de kleur van maandag, en de koning is op maandag geboren), hoewel roze ook meer hip wordt (de koning heeft laatst even in het ziekenhuis gelegen en toen hij eruit kwam, had hij een roze colbertje aan, dus nu is het hele land in spekkleuren). We hebben nog even tv gekeken (die luxe hadden we toen we een ander guesthouse vonden!), maar ik vind toch dat onze koningin het beter getroffen heeft op koninginnedag. Deze Thaise koning wordt dus van verwacht, dat hij op zijn verjaardag de hele dag naar toespraken en gezang van monniken luistert (en dat gezang klinkt een beetje als een turkse minaret ofzo). Geen koekhappen en spijkerpoepen dus! Wij hebben in ieder geval een lekkere BBQ gehad ter ere van de koning en zijn de dag erna de grens over gegaan. Het Thaise feest was voorbij!