
Muang Sing is nog kleinder dan Nam Tha. Het ligt 10 km. van de Chinese grens en heeft niet 1 internetcafe, wat helemaal niet erg is. Een heel vriendelijk en schattig guesthouse uitgezocht. Oma en opa waren de hele dag aanwezig en zorgden voor erg lekker en lokaal eten. De eerste dag dat we er waren, werden we (natuurlijk) veel te laat wakker om nog een scooter te kunnen huren, maar gelukkig konden we nog op weg met de laatste 2 brakke fietsjes. Het enige waar we eigenlijk wel heen zouden kunnen fietsen, gezien de afstand en de toestand van de fietsjes, was de Chinese grens. Deze was 10 km. verderop, waarvan we niet wisten dat dit op de heenweg heel langzaam omhoog ging. In de brandende zon om 13 uur ‘s middags, is dit best slopend. Toen het bijna op het einde toch te steil werd, hebben we nog een stukje gelopen, om vervolgens bij de grenspost aan te komen, 2 km. van de grens af. Nu wisten we dit wel, maar je stelt er toch altijd wel wat meer van voor. Zo’n verlaten grenshuisje met misschien 10 overstekers per dag, is toch eigenlijk niet zo heel bijzonder. Ik heb ook maar net gedaan of ik China echt heb gezien, helaas door de bergen kon ik niet verder dan 500 meter kijken. Na een paar foto’s en een kletspraatje met de douaniers zijn we maar weer teruggefietst. Gelukkig ging de terugweg heel erg snel. De rest van de dag hebben we ons vermaakt met eten, drinken en rondje om de stad lopen.
De tweede dag hebben weer een trekking gedaan. Deze keer (weer) met 2 nederlanders, Ton en Karin. Het was niet de interessantste trekking die we tot nu toe gedaan hadden, maar het was gezellig en we hadden onderweg een mooi uitzicht op Muang sing. Helemaal bovenop de berg zijn we in een “Akha” dorpje aangekomen, waar we lunch kregen. We hebben weer wat rijst gegeten, groenten en vlees en Frank heeft nog geproefd van iets wat we eerder op de markt hebben zien liggen: in bloed gedrenkte ingewanden. Ik heb overwogen om het te proeven, maar ik dacht, ik ga mezelf niet kwellen en van het idee ga ik zeker over mijn nek. Volgens Frank was het (ondanks de gedachte) best lekker. Maar ik denk niet dat het in Spa op de kaart komt.
De terugweg was alleen maar naar beneden lopen (op zijn minst net zo vermoeiend als omhoog klimmen) en terug met de tuk tuk. Later kwamen we Ton en Karin tegen in het restaurant, dus zijn we weer bij ze gaan zitten. Zij zijn al 3 keer in India geweest en vinden dat helemaal geweldig. We hebben dus wat nuttige tips gekregen en vooral heel veel zin in India.
Vanuit Muang Sing wilden we met de bus naar de grens met Thailand. Dat betekent: eerst de bus naar Luang Nam Tha, van daaruit de bus naar Houax Xay. ‘s Morgens om 8 uur (pff) zaten we dus in de bus.