Thailand – Chiang Khong 21 – 23 december 2007

De reis van Muang Sing naar de grens duurde erg lang. We hadden dus om 8 uur de bus naar Nam Tha. Daar een transfer naar het busstation (8 km. uit dat kleine dorp!) en toen we daar aankwamen, bleek dat we de bus net gemist hadden en dat we 2,5 uur moesten wachten… Eerst dus maar wat gegeten (heen en weer naar Nam Tha hadden we ook niet echt zin in) en vervolgens de tijd gedood met lezen.

De busreis begon om 13.30 uur en duurde ook erg lang. In het begin had hij behoorlijk de vaart erin, maar toen waren er nog niet zoveel bergpassen. En nadat er nog 15 zakken met rijst naar binnen werden gesleept (duurde ook een kwartier) ging het helemaal niet meer zo snel. Soms heb je gewoon busritten waar je helemaal gaar uitkomt, en soms valt het mee. Deze dus niet. We kwamen om half 6 aan op het busstation van Houax Xay (5 km. uit het dorp) waar we de transfer hadden naar de pier. De grens is hier namelijk de Mekong rivier. Het zou er om hangen of de grens nog open was, want er was iemand die zei dat het maar tot 17 uur open was. We wilden graag naar de overkant, omdat we daar vorig jaar ook waren geweest en we al wisten waar we wilden slapen en eten :-) Gelukkig hadden we nog 10 minuten om de grens over te gaan. Aan de overkant waren we snel gesetteld.

De bar / restaurant opgezocht, waar we vorig jaar biertjes hebben gedronken met een jongen die daar werkt en daar heerlijk gegeten. De jongen werkte er nog, en toen hij de Aap sticker zag op Frank zijn tas, wist ie meteen weer wie we waren. Zijn aap sticker zat nog op zijn scooter en hij had er heel Chiang Khong mee vol geplakt. ‘s Avonds zijn we naar de plaatselijke disco geweest. Niet zo heel groot en niet 1 westerling te zien. We hadden al snel een vriend, die (gelukkig maar, je zou niet zonder kunnen) een 2 liter fles whiskey mee had genomen. Hier in Thailand en Laos neemt iedereen zijn eigen fles whiskey mee of ze kopen er 1 of 2 in de disco om dat vervolgens op tafel te laten staan (iedereen heeft zijn eigen (sta)tafel met zijn vriendengroep) en iedereen kan daarvan drinken. Water en cola worden besteld (je wordt hier in disco’s bedient aan je tafel) en niemand weet meer welk glas van wie is, en daar doen ze ook helemaal niet moeilijk over. Je wordt hier ook overal bijgeschonken. Net als je denkt, pff ik heb wel even genoeg bier op, komt de ober om je glas bij te schenken. Wij hadden dus een vriend erbij. Aan het einde van de avond was hij zo lam, hij bleef maar hetzelfde herhalen: you’re my friend, YOU UN-DER-STAND-ME?? schreeuwde hij dan erna. Met zo’n vinger in de lucht en een dubbele tong. Erg grappig dus, maar ik vond het helemaal niet erg dat zijn vrienden hem meenamen, toen we daar nog als allerlaatste buiten zaten, toen de disco al een half uur dicht was. We hadden in elk geval een hele leuke avond en besloten dat we de dag erna niet verder wilden gaan maar nog een dagje wilden blijven.

We hebben dus lang uitgeslapen. Daarna op een terrasje aan het water de hele middag gelezen en mijn landenvlaggetjes op mijn tas genaaid. Ziet er meteen een stuk vrolijker uit. ‘s Avonds weer heerlijk gegeten (geen bier, de dag erna waren verkiezingen, dus 24 uur geen alcohol in heel Thailand) en de dag erna zijn we met de bus naar Mae Sai gegaan.

Muang Sing 18 – 21 december 2007

Muang Sing is nog kleinder dan Nam Tha. Het ligt 10 km. van de Chinese grens en heeft niet 1 internetcafe, wat helemaal niet erg is. Een heel vriendelijk en schattig guesthouse uitgezocht. Oma en opa waren de hele dag aanwezig en zorgden voor erg lekker en lokaal eten. De eerste dag dat we er waren, werden we (natuurlijk) veel te laat wakker om nog een scooter te kunnen huren, maar gelukkig konden we nog op weg met de laatste 2 brakke fietsjes. Het enige waar we eigenlijk wel heen zouden kunnen fietsen, gezien de afstand en de toestand van de fietsjes, was de Chinese grens. Deze was 10 km. verderop, waarvan we niet wisten dat dit op de heenweg heel langzaam omhoog ging. In de brandende zon om 13 uur ‘s middags, is dit best slopend. Toen het bijna op het einde toch te steil werd, hebben we nog een stukje gelopen, om vervolgens bij de grenspost aan te komen, 2 km. van de grens af. Nu wisten we dit wel, maar je stelt er toch altijd wel wat meer van voor. Zo’n verlaten grenshuisje met misschien 10 overstekers per dag, is toch eigenlijk niet zo heel bijzonder. Ik heb ook maar net gedaan of ik China echt heb gezien, helaas door de bergen kon ik niet verder dan 500 meter kijken. Na een paar foto’s en een kletspraatje met de douaniers zijn we maar weer teruggefietst. Gelukkig ging de terugweg heel erg snel. De rest van de dag hebben we ons vermaakt met eten, drinken en rondje om de stad lopen.

De tweede dag hebben weer een trekking gedaan. Deze keer (weer) met 2 nederlanders, Ton en Karin. Het was niet de interessantste trekking die we tot nu toe gedaan hadden, maar het was gezellig en we hadden onderweg een mooi uitzicht op Muang sing. Helemaal bovenop de berg zijn we in een “Akha” dorpje aangekomen, waar we lunch kregen. We hebben weer wat rijst gegeten, groenten en vlees en Frank heeft nog geproefd van iets wat we eerder op de markt hebben zien liggen: in bloed gedrenkte ingewanden. Ik heb overwogen om het te proeven, maar ik dacht, ik ga mezelf niet kwellen en van het idee ga ik zeker over mijn nek. Volgens Frank was het (ondanks de gedachte) best lekker. Maar ik denk niet dat het in Spa op de kaart komt.

De terugweg was alleen maar naar beneden lopen (op zijn minst net zo vermoeiend als omhoog klimmen) en terug met de tuk tuk. Later kwamen we Ton en Karin tegen in het restaurant, dus zijn we weer bij ze gaan zitten. Zij zijn al 3 keer in India geweest en vinden dat helemaal geweldig. We hebben dus wat nuttige tips gekregen en vooral heel veel zin in India.

Vanuit Muang Sing wilden we met de bus naar de grens met Thailand. Dat betekent: eerst de bus naar Luang Nam Tha, van daaruit de bus naar Houax Xay. ‘s Morgens om 8 uur (pff) zaten we dus in de bus.

Luang Nam Tha 15 – 18 december 2007

Luang Nam Tha is een klein stadje. De eerste avond zijn we in Palanh guesthouse beland. We hadden zelfs een tv op onze kamer (alsof je dat hier mist…) met bvn! Rare combinatie: Sesamstraat en De Wereld Draait Door midden in de nacht met de warmte en etensgeuren van Thailand.

De eerste dag hebben we een brommertje gehuurd en hebben we door de omgeving getourd. Waterval, rijstvelden en bergen. Een schitterende omgeving.

Omdat je daar geen genoeg van kunt krijgen hebben we de dag erna een fiets gehuurd en zijn toen weer wat gaan fietsen. Er stonden op onze plattegrond 2 stupa’s. We waren (dachten we) aardig op weg naar 1 stupa, toen we plotseling voor de andere stupa aan de andere kant van het stadje stonden. Maakt niet uit, ook leuk. De trap op naar de tempel, waar de monniken ons wezen naar de stupa, hoe we er konden komen. Het was nog even klimmen en toen we boven waren kregen we groot gejuich. Niet omdat het klimmen een prestatie zou zijn, maar gewoon, we zijn “farang”, blanke westerlingen. Heel toeristisch was het daar rond de stupa niet, dus het was best bijzonder blijkbaar.

We hadden heel netjes ons petje afgedaan, wat denk je, degene die naar ons zaten te roepen zaten al een tijdje aan de “Lao Lao”, rice whiskey. We konden er natuurlijk niet onderuit om erbij te gaan zitten, dat zou onbeleefd zijn, dus zaten ook wij aan de Lao Lao. Een hele grote kruik, met daarin gefermenteerde rijst, water (gelukkig) en de whiskey natuurlijk. Het idee is natuurlijk om in 1x een glas leeg te drinken. Hoewel je drinkt door een slang, is er iemand anders die van de voorraad whiskey er een glas bij gooit, terwijl je drinkt. Doordat de kruik constant vol is, weten ze precies wanneer je een heel glas gedronken hebt. Frank is verder gekomen dan mij, ik kwam niet verder dan een half glas. Na de whiskey krijg je dan een hap van de salade. Deze bestond uit voornamelijk rauwe garnaaltjes. Echt iets waar je niet bij na moet denken en zeker niet naar die oogjes moet kijken. Probeer dan ook vooral niet naar het kraken in je mond te luisteren… Maar vooral de gedachte is vies, want eigenlijk is het best lekker.

Ze waren met een stuk of 10 vrienden en ze filmden alles met een mobieltje. Hun feest was compleet. Na een half uurtje zijn we toch maar opgestapt, bang dat we nooit meer weg zouden komen.

Luang Nam Tha is een relaxed stadje, mooie omgeving en weer leuke ervaringen erbij! Vanuit Nam Tha zijn we naar Muang Sing gegaan.

Oudom Xai 12 – 15 december 2007

Vanuit Luang Prabang wilden we naar Luang Nam Tha. Omdat het een lange reis is (en wij de luxe hebben rustig aan te doen) besloten we te overnachten in Oudom Xai. Bij aankomst leek het ook echt een doorreisstadje. Het bestond eigenlijk uit 1 straat, waar ze veel aan het werk waren en dus veel stof en rotzooi veroorzaakte.

Bij een rondje door de straat kwamen we bij de tourist office. Erg mooi gebouw voor zo’n stadje en de mensen die er werken waren heel vriendelijk en spraken goed engels. Ze hadden veel informatie over trekkings vanuit Oudom Xai, iets wat we eigenlijk in Nam Tha wilden doen, omdat dat er eigenlijk om bekend staat. Omdat de mensen zo vriendelijk waren en ze duidelijk hun best doen meer toeristen te laten blijven, besloten we om een 1-dags trekking te doen, rondje om de stad Oudom Xai. Uiteindelijk ook veel goedkoper en minder toeristisch.

We startten de trekking met de lunch te kopen op de markt. Kant en klaar eten door oma’s bereidt en meer authentiek eten kun je niet krijgen. We gingen met een tuk tuk naar een ethnic boardingschool. Gefinancierd door de overheid zodat arme kinderen uit omringende dorpen naar deze kostschool kunnen. Ze waren bezig met de voorbereidingen voor het feest van het 10-jarig jubileum van de school. Sommige jongens durfden nog wel in het engels wat te vragen, where you from, how old are you etc. Alleen als je iets probeert terug te zeggen snappen ze het niet altijd, ook niet als je het op zijn aziatisch-engels probeert. Het holland-boekje was erg in trek. Met zijn 20-en probeerden ze in het kleine boekje te staren.

De trip ging verder te voet door de bergen. Eerst stuk vooral klimmen met onwijs mooie uitzichten en de zon die langzaam over de bergen heen ging schijnen. Gelukkig werd het steeds warmer (erg koud ‘s morgens vroeg) en konden we onze sokken uitdoen, die we naar mooi aziatisch gebruik in onze slippers aanhadden. De lunch hebben we bij een hutje gegeten. Het bestond uit gekookte jonge bamboe, gedroogd zeewier met sesam, sticky rice (wat je op zijn Laos lekker als een deegbal in je handen moet kneden), iets met beef (en niet te vergeten stukken ingewanden) en iets met groenten. Het was allemaal erg lekker, we waren alleen een beetje kieskeurig bij het vlees…

‘s Middags zijn we naar een village gelopen. Zo een zonder stromend water en electriciteit. Zoals zoveel dorpen hier natuurlijk. De kinderen waren ontzettend blij met de ape-maskers en sommige kinderen vonden het onwijs leuk om op de foto te gaan en gingen ervoor poseren en anderen durfden niet en renden weg. De ouders waren aan het werk op de rijstvelden, dus die hebben we niet gezien. Het was echt een enorm schattig dorpje en zeker de kinderen zijn onwijs schattig. Toen we bijna weggingen kwamen nog 2 meiden terug uit de rijstvelden, ik gok een jaar of 10 (leeftijden schatten is erg moeilijk hier) en die lagen echt alleen maar in een deuk, zoals alleen meiden dat kunnen. Waar ook ter wereld, hoeveel verschillen er dan ook zijn, daarin verschillen kinderen echt niet. Als je dan iets tegen ze zei, gingen ze alleen nog maar harder giechelen. Het dorpje was echt weer onwijs mooi, met een hoge zelfredzaamheidfactor.

Op de weg terug naar beneden zijn we gestopt bij een Hmong festival. Hmong is een hilltribe en ook onderweg naar Oudom Xai hebben we erg veel klederdracht gezien, want het festival was al een paar dagen bezig. We hebben nog even meegedaan aan een spel dat waarschijnlijk ooit heeft gediend voor het versieren van meisjes: ballen gooien. Wij vonden er in ieder geval geen bal aan. Tegenover elkaar staan en een balletje heen en weer gooien. Verder niks. Het was leuk om er even aan mee te doen (voor de foto) maar saai is het wel.

Terug in Oudom Xai hadden we besloten om nog een trekking te gaan doen. Maar we wisten nog niet zeker hoeveel dagen. De dag erna hebben we niet veel gedaan. Toen we ‘s middags naar de tourist office gingen om een trekking te boeken was het gesloten. We hadden geen zin om daar nog tot na het weekend te blijven, dus was dat onze laatste dag in Oudom Xai. We hebben nog een voetbalwedstrijd gekeken van de plaatselijke voetbalteams, waar ik Frank nog even heb uitgelegd wat buitenspel was. Erg makkelijk uitleggen is het niet, als je 6 verschillende kleuren in het veld ziet staan. Je moet wat zonder geld… We hadden in ieder geval weer veel bekijks, want we waren de enige westerlingen.

In de stad heb je ook nog een stupa op een heuvel. Toen we daarvan terug kwamen, zat er een dronken man, die ons per se aan zijn tafel buiten zijn huis wilde hebben. Hij bleef maar aan Frank zijn arm trekken, dus besloten we maar even te gaan zitten. Verplicht een biertje gedronken (oh wat vervelend) en geluisterd naar zijn gebrabbel in het Laos dat hij jarig was en dat hij iets van 68 of 78 was geworden. Uiteindelijk toen we opstonden (3e poging al) moest zijn (klein)zoon eraan te pas komen ons te laten gaan. Anders hadden we daar nog heel veel uurtjes gezeten…

Oudom Xai was dus veel leuker dan onze eerste indruk. Weinig toeristen zullen begrijpen waarom we 3 nachten zijn gebleven. Na deze stad ging onze reis verder naar Luang Nam Tha.